Een gat boren in een badkamertegel lukt prima zonder de tegel te beschadigen, als je de juiste boor gebruikt en een paar simpele stappen volgt. De grootste valkuil is te snel starten of de verkeerde boor pakken. Met de goede aanpak zit je beugel, handdoekrek of zeephouder stevig vast, zonder haarscheuren of barsten in je tegel.
Welke boor gebruik je voor het boren in badkamertegels?
Het type boor hangt af van hoe hard de tegel is. Tegels worden ingedeeld in hardheidsklassen. Relatief zachte tegels vallen in klasse één tot drie. Hiervoor werkt een tegel- of glasboor goed. Dit zijn boren met een driehoekige, diamantvormige punt van gesinterd carbide. Ze kosten al snel een paar euro per stuk bij de bouwmarkt.
Voor hardere tegels, zoals porselein, steenachtige keramiek of natuursteen, heb je een diamantboor nodig. Dit is een holle cilinderboor met diamantdeeltjes aan de rand. Deze zijn duurder (reken op 10 tot 25 euro voor een los exemplaar) maar onmisbaar bij harde materialen. Een gewone tegelboor loopt vast of springt weg op een porselein tegel, wat scheuren veroorzaakt.
Weet je niet hoe hard jouw tegel is? Probeer dan voorzichtig met een nagel over de achterkant te krassen. Gaat dat makkelijk, dan is de tegel relatief zacht. Lukt dat nauwelijks, dan heb je waarschijnlijk een harde tegel en heb je een diamantboor nodig.
Stap voor stap: badkamer tegel boren
Markeer de plek waar je het gat wilt hebben met een stuk afplaktape. Teken daarna het punt op de tape in plaats van op de tegel. De tape heeft twee voordelen: de boor glijdt niet weg op het gladde oppervlak, en de tape beschermt de tegel tegen kleine krassen.
Zet de boormachine op de laagste stand, zonder klopfunctie. Dit is een punt dat veel mensen over het hoofd zien: de klopstand is bedoeld voor beton en metselwerk, maar verbrijzelt een tegel van binnenuit. Zet de klopfunctie dus altijd uit als je door de tegel boort.
Boor langzaam en zonder veel druk. Laat de boor het werk doen. Houd je bij een diamantboor de punt nat met een beetje water, dan koelt de punt af en gaat hij langer mee. Je kunt een klein klompje klei of kit rondom het boorgat kneden en dat vullen met water, zodat het water op de plek blijft.
Als de boor door de tegel heen is en je bereikt de ondergrond (de wand achter de tegel), schakel je over op een muurboortje met klopfunctie. De tegel is dan al doorboor en de klopstand beschadigt hem niet meer. Zo maak je het gat in de muur af zonder risico.
Veelgemaakte fouten bij het boren in tegels
De meest gemaakte fout is te veel druk zetten. Meer druk betekent niet sneller boren, maar een grotere kans op scheuren. Laat de boor rustig zijn werk doen en stuur alleen bij om de boor recht te houden.
Een tweede fout is te dicht op de rand van een tegel boren. Houd minimaal 1,5 tot 2 centimeter afstand van de rand. Dichter bij de rand is de kans op afbrokkelen of scheuren veel groter, omdat het materiaal daar minder steun heeft.
Boor ook nooit op een voeg. De voeg zelf is weliswaar zachter en makkelijker te boren, maar een plug in de voeg houdt veel minder goed vast dan een plug in de tegel of de muur erachter. Wil je toch boren op een voegplek, dan is het slimmer een iets andere positie voor je beugel of houder te kiezen.
Wat doe je als de tegel toch barst?
Soms loopt het fout, ook al doe je alles goed. Een haarscheur is vervelend maar nog te camoufleren met siliconen of voegkit in de passende kleur. Is de schade groter, dan is de tegel helaas aan vervanging toe. Bewaar daarom altijd een paar reservetegels als je een badkamer betegelt; dat spaart later veel zoekwerk.
Met de goede boor, de klopfunctie uit en rustig tempo kom je in de meeste gevallen prima door een badkamertegel heen. Twijfel je aan het type tegel of de hardheid, dan is een diamantboor de veiligste keuze: die werkt op vrijwel elke tegel zonder de kans op scheuren te vergroten.



